Bertha

Geslacht:
Vrouw
Leeftijd:
63 jaar
Diagnose:
Diabetes type 2
Datum interview:
vrijdag, 13 december, 2013

Achtergrond:
Bertha is 63 jaar en heeft twee kinderen van 37 en 40 jaar. Naast haar werk als verpleegkundige gaf ze les als docent verpleegkunde. Nu is ze met pensioen en leidt ze een actief leven door veel te sporten, actief lid te zijn van verschillende verenigingen en op haar kleinkinderen te passen.

Korte samenvatting:
Bertha is altijd alert geweest op diabetes type 2, omdat de ziekte voorkomt in haar familie. De stress na het overlijden van haar moeder is volgens haar de oorzaak geweest dat ze diabetes type 2 kreeg. Destijds werkte ze in de zorg en controleerde ze op haar werk haar eigen bloedsuikers. Tot twee keer toe was het te hoog. Een dag later werd haar vermoeden door de huisarts bevestigd, ze had diabetes type 2. Ze gebruikt nu pillen en het lukt haar al 14 jaar om het spuiten van insuline te voorkomen.

Meer

Bertha is altijd alert geweest op symptomen van diabetes type 2, omdat de ziekte voorkomt in haar familie. Na het overlijden van haar moeder had ze last van spanning en ze denkt dat deze stress de aanleiding is geweest voor het krijgen van diabetes type 2. Ze werkte destijds in de zorg en tijdens de diensten controleerde ze soms haar eigen bloedsuikerwaarden. Het bleek dat die te hoog waren. De dag erna is ze naar de huisarts gegaan en ook hij constateerde na een test te hoge bloedsuikerwaarden. Ze is vervolgens metforminepillen gaan gebruiken en dat bevalt haar tot dusver goed.

Ze streeft er al 14 jaar na om het spuiten van insuline te voorkomen. Ze is bang voor een hypo en bij gebruik van insuline is het risico daarop groter. Zij heeft liever wat hogere bloedsuikerwaarden, dat vindt haar internist ook beter, maar de diabetesverpleegkundige is het daar niet mee eens. Ook heeft ze het idee dat het spuiten van insuline haar zou beperken in haar vrijheid met reizen. Ze houdt van reizen en met insuline heeft ze meer papierwerk en materiaal nodig dan nu met de pillen. Ze is altijd wat gespannen als ze naar de diabetesverpleegkundige gaat; zal ze nu te horen krijgen dat ze wel aan de insuline moet? In het begin had Bertha twijfels over de kennis van de diabetesverpleegkundige. Ze kreeg het gevoel dat zij niet voldoende op de hoogte was. Zo adviseerde de diabetesverpleegkundige Bertha insuline te gaan spuiten. Maar omdat Bertha hier nog niet aan toe was, is ze naar de internist gegaan. Hij raadde insuline spuiten af. Bertha weet nu niet wat beter is en vindt dit erg lastig.

Het meest moeilijk symptoom is voor Bertha een hypo. Ze ervaart een hypo als erg vervelend en voelt zich dan beroerd. Ze wordt op die momenten kortaf, chagrijnig en begint te trillen. Daarnaast maakt het idee dat je overal een hypo kunt krijgen haar angstig, bijvoorbeeld tijdens het autorijden of op de trap. Ook heeft ze soms een hyper, waarbij ze wazig gaat zien. En daarnaast merkt ze dat ze meer eeltontwikkeling heeft, maar ze twijfelt of dit een gevolg is van diabetes type 2.

Om goed met de diabetes type 2 om te gaan let Bertha op haar eten en dat is niet altijd gemakkelijk als het erg goed smaakt. Soms gebruikt ze de diabetes type 2 ook als excuus om iets niet te hoeven eten als ze het niet lekker vindt. Ook beweegt ze veel en heeft ze veel steun aan de medicijnen en het meetapparaat. Meten is weten volgens haar. En door het meetapparaat weet ze precies hoe het met haar bloedsuikerwaarden gaat en kan ze zich daaraan aanpassen. Dankzij dit meetapparaat heeft Bertha het insuline spuiten steeds weten uit te stellen. En hoewel er prima met diabetes type 2 valt te leven, ervaart ze de pillen als grootste belemmering. Ze moet er namelijk altijd aan denken en rekening mee houden. Nadenken over het innemen, over de planning van de dag, maar ook nadenken over bevoorrading en het tijdig bestellen van pillen.

Diabetes type 2 zit in de familie van Bertha. Haar dochter is zich ervan bewust dat ze het ook kan krijgen en let ook op haar leefstijl. Diabetes type 2 is voor Bertha geen gesprekonderwerp, aangezien ze hetzelfde leven leidt als ieder ander. Toch vindt ze het wel belangrijk dat mensen in haar omgeving weten dat ze diabetes type 2 heeft. Op tennis heeft ze het een aantal mensen verteld, zodat ze het begrijpen als ze bijvoorbeeld eens agressief of kribbig reageert. Bertha vertelt dat de hulpverleners in de tijd dat zij nog werkte niet goed op de hoogte waren van wat diabetes type 2 precies inhoudt. Er waren geen protocollen en het beleid was niet eenduidig. Daarom heeft ze zelf bijscholing en voorlichting gegeven met het doel misverstanden tegen te gaan en duidelijk te maken wat diabetes type 2 inhoudt. Maar ook tegenwoordig merkt ze dat er nog steeds misverstanden bestaan. Zo hoort ze wel eens dat mensen een extra tabletje nemen om de bloedwaarden te laten zakken.

Bertha vindt dat er veel meer aandacht moet komen voor stress als ontregelende factor. Daarnaast is haar advies aan lotgenoten om informatie te verzamelen en om met vragen altijd naar de huisarts te gaan.

All ervaringen van Bertha