Bevalling

Bevalling

Dit thema gaat over de bevalling. Hier wordt beschreven hoe de bevalling bij de vrouwen begon. Daarbij wordt ook aandacht besteed aan ervaringen rondom het inleiden van een bevalling. Verder wordt beschreven hoe vrouwen de weeën hebben ervaren en hoe zij zijn omgegaan met de pijn. Tevens wordt beschreven hoe zij het persen en de daadwerkelijke geboorte hebben ervaren. De ervaringen rondom het uitkloppen of knippen van de navelstreng, de nageboorte en het hechten worden hier ook beschreven, evenals ervaringen rondom een keizersnede. Ervaringen rondom vlak na de geboorte van het kindje worden beschreven in het thema Bevalling – Na de bevalling. Complicaties rondom de bevalling, zoals een vroeggeboorte, of een doodgeboren kindje (intra-uteriene vruchtdood) worden beschreven in het thema Bevalling – Complicaties bij moeder of kind. Voor achtergrondinformatie over het verloop van de bevalling zie de website van De Verlsokundige.nl.

Begin bevalling

Voor verschillende vrouwen begon de bevalling met weeën. Zij omschrijven de beginnende weeën als onrust in de buik, buikpijn of menstruatiekrampen die steeds heviger worden. Dorine omschrijft de eerste wee als een “soort bal die in een keer werd opgeblazen.” Meerdere vrouwen waren onzeker of de eerste weeën daadwerkelijk weeën waren. Enkele andere vrouwen vertellen dat zij nog niet toe wilden geven aan de weeën en nog wat gingen aanmodderen. Bij andere vrouwen begon de bevalling met het breken van de vliezen. Voor meer hierover zie verderop in dit thema. Voor enkele vrouwen was het verliezen van de slijmprop een teken dat de bevalling zou beginnen. Shamilla voelde haar kindje niet bewegen waarna in het ziekenhuis bleek dat ze al ontsluiting had. Verschillende vrouwen hebben geprobeerd de bevalling “op te wekken”. Sommigen zijn bijvoorbeeld gestript door de verloskundige. Enkele vrouwen omschrijven dit als onprettig, maar niet pijnlijk. Andere vrouwen hebben dit wel als pijnlijk ervaren. Andere vrouwen benoemen dat zij gingen dansen, patat gingen eten, of seks hadden om de bevalling op te wekken. Een vrouw geeft aan dat dit fabels zijn, maar dat ze toch dit soort dingen ging doen. Haar beide bevallingen begonnen wel na het hebben van seks.

Inleiden

Bij meerdere vrouwen is de bevalling ingeleid. Bijvoorbeeld omdat ze niet meer konden vanwege psychische problemen, bekkeninstabiliteit of hyperemesis gravidarum. Zwanielle is op eigen verzoek ingeleid, omdat ze niet meer kon. Andere redenen voor inleiden zijn bijvoorbeeld overtijd zijn, hoge bloeddruk, onvoldoende vruchtwater, of zwangerschapsdiabetes waardoor het kindje groot is of de placenta slecht functioneerde. Wanneer de baarmoedermond nog niet rijp is, dat wil zeggen zacht, soepel en verstreken is, kunnen vrouwen worden ingeleid door middel van een ballon of tabletten. De ene vrouw had de voorkeur voor een ballon, omdat dit langzamer zou gaan; een andere vrouw had liever tabletten, omdat dit ook oraal kon en zij vaginistisch is. Vrouwen die al wel ontsluiting hadden vertellen dat hun vliezen werden gebroken en dat ze daarna of spontaan weeën kregen of weeënopwekkers kregen. Voor meer informatie over inleiden zie deze website. Verschillende vrouwen vinden het onwerkelijk of apart dat zij weten dat die dag hun kindje geboren gaat worden. Voor een andere vrouw was het een moment om naar toe te leven. Een andere vrouw vertelt dat ze het lastig vond om de beslissing voor inleiden te accepteren; ze had graag nog wat langer willen voorbereiden op de bevalling. Zij heeft de inleiding ook als machteloos ervaren, omdat ze niet van bed af mocht in het ziekenhuis waar ze beviel.

Weeën

Vrouwen omschrijven weeën als een kramp in buik, rug of been die komt en gaat. Sommige vrouwen vonden de weeën pijnlijk, maar wel te doen. Bij andere vrouwen hielden de weeën continu aan en zat er geen pauze tussen de weeën. Zij hadden last van een weeënstorm. Dit hebben zij ervaren als verschrikkelijk, heftig of als een hel, omdat je niet de tijd krijgt om op adem te komen. Een vrouw vertelt dat zij door de weeënstorm in paniek raakte. Judith vertelt dat zij alleen maar pieken van de weeën ervaarde en daardoor de weeën niet voelde aankomen. Enkele vrouwen vertellen dat zij tijdens de weeën misselijk waren en moesten overgeven. Bij andere vrouwen namen de weeën af op het moment dat zij in het ziekenhuis kwamen of dat er een CTG gemaakt werd. De geïnterviewde vrouwen hadden verschillende manieren om de weeën op te vangen. De meesten maakten gebruik van ademhalingstechnieken en puften en zuchtten de weeën weg. Anderen vertellen dat zij staand de weeën opvingen, over het bed hingen, in bad gingen, de benen schudden, wreven over de rug of de benen, rondliepen of houdingen afwisselden. Marije (B) sloot zich voor iedereen af tijdens de weeën, en Judith vertelt dat zij niet wist hoe ze de weeën moest opvangen. Een vrouw vertelt dat zij ging hyperventileren, omdat ze niet goed ademde.

Vliezen breken

Voor verschillende vrouwen begon de bevalling met het breken van de vliezen. Bij andere vrouwen braken de vliezen tijdens de bevalling. Bij sommigen gebeurde dat spontaan; bij anderen werden de vliezen gebroken door de verloskundige of gynaecoloog. Enkele vrouwen beschrijven dat daarna de bevalling heftiger werd. Verschillende vrouwen vertellen dat ze bij het breken van de vliezen een “plop” hoorden. Een van hen vergelijkt dit met het openen van een bierflesje. Voor Judith voelde het breken van de vliezen bizar dat “alles er zo uitvloeit”. Een andere vrouw vond het bijzonder dat het direct voelde alsof “er gewicht weg was”.

Omgaan met pijn en pijnbestrijding

Alle vrouwen ervaren pijn tijdens de bevalling. Sommige vrouwen geven aan dat zij met deze pijn konden omgaan. Nathalie beschrijft dat dit komt doordat ze in een flow zat. Andere vrouwen wisten niet waar ze het moesten zoeken van de pijn. Zij “trokken de haren uit hun kop” en omschrijven de pijn als heftig, intens, gemeen en als een hel. Shamilla omschrijft de pijn als honderd keer erger dan menstruatiepijn. Sommige vrouwen geven aan dat er geen woorden zijn om de pijn te omschrijven of herkennen de pijn nergens anders in. Enkele vrouwen geven aan dat de pijn erbij hoort en dat die voorbij gaat. De vrouwen beschrijven verschillende manieren hoe zij omgegaan zijn met de pijn. Veel vrouwen gingen in bad of onder de douche, hierdoor gingen de scherpe randjes van de pijn af. Andere vrouwen letten op hun ademhaling en zuchtten en puften de pijn weg. Anderen zochten afleiding door muziek te luisteren of tussen de weeën andere dingen te doen. Nathalie appte bijvoorbeeld met vriendinnen tussen de weeën door. Weer andere vrouwen probeerden actief te blijven door rond te lopen, of op een bal te bewegen, of houdingen te wisselen. Enkele vrouwen probeerden tussendoor wat te slapen. En sommige vrouwen geven aan dat ze gingen gillen of brullen om zichzelf af te leiden van de pijn. Voor meerdere vrouwen was op een gegeven moment de pijn zo heftig, dat zij pijnbehandeling wilden. Zij waren moe of uitgeput, hadden meer dan 15 uur weeën, hadden een weeënstorm of ze wilden niet te vermoeid raken. Bij één vrouw werd de mogelijkheid voor pijnbestrijding geopperd door een zorgprofessional. De vrouwen hebben verschillende vormen van pijnbestrijding gekregen, zoals spuitjes met steriel water, TENS, morfinepomp, PCA pomp, of een ruggenprik. Voor meer informatie over de verschillende mogelijkheden van pijnbestrijding zie deze website. Steriel water en de TENS hielpen even of een beetje bij deze vrouwen. Daniëlle omschrijft de morfinepomp als “haar beste vriend”. Vrouwen die een ruggenprik hebben gekregen geven aan dat dit een verademing was, omdat zij geen pijn meer voelden. Zij konden zich ontspannen en voelden zich relaxed. Een vrouw met hyperemesis gravidarum geeft aan dat bij haar het overgeven stopte na de ruggenprik. Sommige vrouwen vroegen om pijnbestrijding, maar waren al te ver gevorderd in hun bevalling waardoor een ruggenprik niet meer mogelijk was. Enkele vrouwen geven aan dat zij geen pijnbestrijding wilden. Voor Marije (A) kwam dit door haar eerste bevalling waarbij ze na de ruggenprik haar focus op de bevalling verloor en de bevalling stagneerde. Anderen wilden geen pijnbestrijding, omdat ze helder in hun hoofd wilden blijven, of omdat volgens hen het herstel na pijnbestrijding moeizamer gaat. Judith vertelt tot slot nog dat zij een mentale barrière voelde om te kiezen voor pijnbestrijding door de cultuur in Nederland, waardoor het zou voelen als falen als je vraagt om pijnbestrijding.

Persen en de geboorte

Alle vrouwen ervaren pijn tijdens de bevalling. Sommige vrouwen geven aan dat zij met deze pijn konden omgaan. Nathalie beschrijft dat dit komt doordat ze in een flow zat. Andere vrouwen wisten niet waar ze het moesten zoeken van de pijn. Zij “trokken de haren uit hun kop” en omschrijven de pijn als heftig, intens, gemeen en als een hel. Shamilla omschrijft de pijn als honderd keer erger dan menstruatiepijn. Sommige vrouwen geven aan dat er geen woorden zijn om de pijn te omschrijven of herkennen de pijn nergens anders in. Enkele vrouwen geven aan dat de pijn erbij hoort en dat die voorbij gaat. De vrouwen beschrijven verschillende manieren hoe zij omgegaan zijn met de pijn. Veel vrouwen gingen in bad of onder de douche, hierdoor gingen de scherpe randjes van de pijn af. Andere vrouwen letten op hun ademhaling en zuchtten en puften de pijn weg. Anderen zochten afleiding door muziek te luisteren of tussen de weeën andere dingen te doen. Nathalie appte bijvoorbeeld met vriendinnen tussen de weeën door. Weer andere vrouwen probeerden actief te blijven door rond te lopen, of op een bal te bewegen, of houdingen te wisselen. Enkele vrouwen probeerden tussendoor wat te slapen. En sommige vrouwen geven aan dat ze gingen gillen of brullen om zichzelf af te leiden van de pijn. Voor meerdere vrouwen was op een gegeven moment de pijn zo heftig, dat zij pijnbehandeling wilden. Zij waren moe of uitgeput, hadden meer dan 15 uur weeën, hadden een weeënstorm of ze wilden niet te vermoeid raken. Bij één vrouw werd de mogelijkheid voor pijnbestrijding geopperd door een zorgprofessional. De vrouwen hebben verschillende vormen van pijnbestrijding gekregen, zoals spuitjes met steriel water, TENS, morfinepomp, PCA pomp, of een ruggenprik. Voor meer informatie over de verschillende mogelijkheden van pijnbestrijding zie deze website. Steriel water en de TENS hielpen even of een beetje bij deze vrouwen. Daniëlle omschrijft de morfinepomp als “haar beste vriend”. Vrouwen die een ruggenprik hebben gekregen geven aan dat dit een verademing was, omdat zij geen pijn meer voelden. Zij konden zich ontspannen en voelden zich relaxed. Een vrouw met hyperemesis gravidarum geeft aan dat bij haar het overgeven stopte na de ruggenprik. Sommige vrouwen vroegen om pijnbestrijding, maar waren al te ver gevorderd in hun bevalling waardoor een ruggenprik niet meer mogelijk was. Enkele vrouwen geven aan dat zij geen pijnbestrijding wilden. Voor Marije (A) kwam dit door haar eerste bevalling waarbij ze na de ruggenprik haar focus op de bevalling verloor en de bevalling stagneerde. Anderen wilden geen pijnbestrijding, omdat ze helder in hun hoofd wilden blijven, of omdat volgens hen het herstel na pijnbestrijding moeizamer gaat. Judith vertelt tot slot nog dat zij een mentale barrière voelde om te kiezen voor pijnbestrijding door de cultuur in Nederland, waardoor het zou voelen als falen als je vraagt om pijnbestrijding.

Navelstreng en nageboorte

Na de geboorte hebben enkele vrouwen eerst de navelstreng laten uitkloppen voordat deze geknipt werd. Uitkloppen betekent dat het laatste bloed van de placenta via de navelstreng naar het kindje gaat. In de meeste gevallen heeft de partner de navelstreng doorgeknipt. Een vrouw heeft zelf de navelstreng doorgeknipt, en bij een andere vrouw heeft haar moeder de navelstreng doorgeknipt. Vervolgens vindt de nageboorte plaats, waarbij de placenta en de vliezen het lichaam verlaten. Bij de meeste vrouwen ging dit snel en hoefden ze daar niet echt voor te persen. Een vrouw beschrijft dat zij een prik in haar been kreeg om de nageboorte te stimuleren. Bij enkele vrouwen wilde de placenta er niet uit. Bij Daniëlle werd al gesproken over een eventuele operatie. Eerst werd echter nog een poging ondernomen om “met grof geweld” de placenta eruit te duwen. Dit slaagde.

Hechten

Verschillende vrouwen moesten na de bevalling gehecht worden. De meeste vrouwen vonden het hechten een vervelende ervaring. Ze vonden het vervelend dat ze weer in de beensteunen moesten, of vonden de verdoving naar. Sommige vrouwen zagen tegen het hechten op, maar vonden het uiteindelijk meevallen. Tijdens het hechten lag het kindje vaak in de armen van de moeder. Voor de een zorgde dat voor afleiding. Een ander benoemt dat zij door het hechten juist niet van haar kindje kon genieten.

Keizersnede

Enkele vrouwen zijn bevallen door middel van een keizersnede. In sommige gevallen was dit een spoed keizersnede. Reden hiervoor was dat het niet goed ging met het kindje. Christa vertelt dat zij nadat besloten was dat er een spoedkeizersnede nodig was, eerst allerlei uitleg kreeg over de risico’s. Ze geeft aan dat ze die uitleg helemaal niet heeft meegekregen. Bij een vrouw was de keizersnede gepland, omdat haar kindje in stuitligging lag. Net als de vrouwen die ingeleid werden, vond zij het raar dat ze wist dat ze op die dag een kind zou krijgen. Verschillende vrouwen die een keizersnede hebben ondergaan geven aan dat zij opzagen tegen de ruggenprik, maar dat dit hen uiteindelijk is meegevallen.

Bevalling overig: vastleggen van de bevalling en aanwezigen

Bij de meeste bevallingen waren de partner, de verloskundige of gynaecoloog en een kraamverzorgende of verpleegkundige aanwezig. Verschillende vrouwen vertellen dat daarnaast andere familieleden aanwezig waren, zoals (schoon)ouders of zus. Xandra is geadopteerd en wilde haar ouders erbij omdat zij zelf nooit een bevalling hebben meegemaakt. Marije (A) wilde dit keer geen familie bij de bevalling, omdat zij hierdoor bij haar eerste bevalling niet de focus kon houden op de bevalling. Soms was er ook een kinderarts aanwezig bij de bevalling, wanneer er zorgen waren om de gezondheid van het kindje. Enkele vrouwen hadden een vriendin of buurvrouw erbij. Marije (A) wilde graag een vast persoon aan haar bed en koos ervoor om een doula aanwezig te laten zijn. Carian vertelt dat er bij haar bevalling continu een student aanwezig was. Zij vond dit prettig, omdat deze student zorgde voor aanspraak en wat praktische dingen kon regelen. Tot slot vertellen verschillende vrouwen dat zij de bevalling hebben vastgelegd op foto of video. Anne (B) geeft aan dat veel foto’s zijn mislukt en overweegt om bij een eventuele volgende bevalling een fotograaf in te schakelen. Men wil de bevalling vastleggen omdat men zelf niet alles meekrijgt, of omdat men het interessant vindt om te zien “hoe het van onderen eruitziet”.

...