Janny

Gegevens

Geslacht: 
Vrouw
Leeftijd: 
88 jaar
Diagnose: 
Verdenking dementiesyndroom of MCI
Datum interview: 
donderdag, 15 maart, 2012

Achtergrond:

Janny is weduwe en moeder van vier volwassen kinderen waarvan één is overleden. Ze heeft gewerkt als hulp in de huishouding totdat de oorlog uitbrak. Religie: gereformeerd

Korte samenvatting:

Janny begon allerlei dingen te vergeten en heeft daarom eind 2011 testen gemaakt in het ziekenhuis. De arts vertelde haar dat er sprake is van verdenking op een dementiesyndroom of MCI. Janny ziet de vergeetachtigheid als een gebrek dat hoort bij het ouder worden. Ze wil zo veel mogelijk genieten van de dagen die haar nog gegeven zijn.

Janny begon allerlei dingen te vergeten en heeft daarom eind 2011 testen gemaakt in het ziekenhuis. Daar is vastgesteld dat er sprake is van verdenking op een dementiesyndroom of MCI. Janny kan zich niet meer goed herinneren wat er vooraf ging aan het onderzoek in het ziekenhuis. Ze kan zich nog herinneren dat ze wat gespannen was, maar dat ze het over zich heen heeft laten komen. Ook kan ze zich goed herinneren dat de arts vertelde dat ze in het 'grijze' gebied zit van dementie zat. Vanaf dat moment hoopt ze dat ze nog lang in dit 'grijze' gebied blijft, want terechtkomen in het 'zwarte' gebied betekent dat ze niets meer kan en weet.

In het dagelijkse leven merkt Janny regelmatig dat ze iets vergeet, zoals bijvoorbeeld de gezette koffie of wat ze de vorige dag heeft gedaan. Als dit gebeurt dan wordt ze eerst kwaad en voelt ze zich dom dat ze het vergeten is, maar ze kan dit daarna meestal gelijk omzetten in positieve gedachtes. "Iedereen vergeet immers wel eens wat en ouderdom komt met gebreken". Ze gebruikt verschillende manieren om dingen te onthouden. Ze heeft een agenda waar ze elke dag in opschrijft wat ze heeft gedaan, zodat ze dit later kan opzoeken. Naast haar stoel heeft ze briefjes op de kast geplakt waar telefoonnummers van mensen op staan, zodat ze mensen kan bellen. En als ze iets niet moet vergeten omdat het belangrijk is, legt ze datgeen opzichtig in de ruimte, zodat ze er mee geconfronteerd wordt en het oppakt.

Janny heeft goede dagen en iets minder goede dagen, maar ze probeert altijd iets van de dag te maken. Dit doet ze door bezig te zijn, door mensen te bezoeken of te bellen, te handwerken of een eind te wandelen. Hier geniet ze van en haalt ze kracht uit. Ook haalt ze kracht uit haar geloof. Ze bidt drie keer per dag. Door haar geloof heeft ze het gevoel dat er altijd iemand is die op haar let en dat ze niet alleen is. Ze is erg blij met haar hulp in het huishouden, omdat dit gezelligheid met zich mee brengt.

Voor Janny is het erg belangrijk om te genieten van de tijd die haar nog gegund is. Ze denkt amper na over de toekomst en bekijkt haar leven van dag tot dag. Mocht er een tijd komen dat ze naar een verzorgingstehuis moet, dan zal ze dat accepteren. Ze weet dat dementie een aflopend proces is, maar daar ziet ze niet tegen op. Ze merkt het zelf immers niet als ze iets vergeet. En als ze naar een verzorgingstehuis moet dan zal ze zich daarvan waarschijnlijk niet meer bewust zijn. Belangrijk voor haar is dat ze niet als een zeurkous overkomt!

Janny