Terug

Henny was opgelucht dat ze niet meer mocht rijden

Tabs

Datum interview: 
woensdag, 19 september, 2012

Transcript

Ja, en daar ben ik altijd al een beetje, de laatste jaren een beetje angstig persoon geweest, misschien ook door die depressies en zo mede. Het autorijden, dat ging bijvoorbeeld eigenlijk, dat zag ik. Ik kreeg nog antidepressiva en daar stond ook op niet rijden en dan was ik al nooit zo lekker, voelde ik me nooit lekker, als ik zelf auto reed, dus het was niet mijn hobby. Maar, nou toen dacht ik, oké, en toen heb ik later nog wel eens weer gereden en toen deed ik allemaal dingen, ja, dat was vorig jaar misschien. Ik ging vorig jaar nog [-]. Deed ik allemaal dingen, die gewoon niet moesten. Mijn man zat er gewoon naast en ik ging iemand snijden en nou, toen ben ik een paar kilometer verderop uitgestapt. Ik zeg, ik vertrouw me gewoon niet meer in die auto. En daar piekerde ik al heel lang over, maar iedereen zei, je moet het gewoon proberen, want stel je voor dit en dat. En dat vond ik zelf eigenlijk ook wel, maar dan liep ik de trap af naar de parkeergarage, begon ik al te trillen en deed ik het toch maar niet. En iedere keer zei ik, mijn man zegt ook, als je wat overkomt of als mij wat overkomt, hem dus, dan ja, dan is het toch wel lekker, dat je auto kan rijden. Ja, dat was dan ook wel zo. Ik zeg, oké, dan neem ik dan gewoon rijlessen, weet je wel zoiets. En dat zien we dan wel weer. Maar toen bleek dat ik Alzheimer had, het begin ervan, dat was dus weer een heel voordelig punt, want toen dacht ik, hè, hè, nu ga ik het echt niet meer doen. Toen zei m'n man ook, nee, nou moet je dat niet meer gaan doen, weet je wel, zoiets. Dus dat was iets, dat ik denk van, dat was een pluspunt, dat schuif ik helemaal van me af, weet je wel, zoiets. Dus het had ook z'n voordelen weer.